Faciliteittypes zijn gebaseerd op de types die een faciliteit kan aannemen. Voorbeelden zijn: een reguliere lesruimte, collegezaal of sportzaal.
Het is ook mogelijk om faciliteittypes vast te leggen voor middelen, zoals beamer, prikarm of ALS-pop.
Een faciliteit heeft altijd één of meer faciliteittypes. De kolom 'Kenmerk' bepaalt of het faciliteittype een lokaal betreft of een middel.
Het is alleen mogelijk om een faciliteittype het kenmerk middel te geven als er geen faciliteiten aan gekoppeld zijn. Een beamer kan namelijk geen middel en lokaal tegelijk zijn.
Werkwijze
Bepaal eerst welke faciliteittypes nodig zijn. Als er lessen zijn die per se in een bepaald soort lokaal geroosterd moeten worden, dan moet voor die lokaalsoort een faciliteittype gemaakt worden. Voor middelen zal in de regel per middel één faciliteittype en ook één faciliteittypeset gemaakt worden.
- Menu Basisdata > Faciliteitdata > Faciliteittypes.
- Klik onderaan het scherm op het plusteken,
- Vul in het eerste veld een unieke waarde in.
- Vul de rest van het pop-upvenster in
- Klik tot slot onderaan het scherm op ‘Toevoegen’.
- Een wijziging in de Basisdata kan ook van invloed zijn in voorgaande en volgende schooljaren. Zie: Welke data in de basisdata is jaarspecifiek?
- Xedule herkent een spatie als een scheidingsteken om meerdere entiteiten tegelijk in te voeren. Plaats een waarde met een spatie tussen aanhalingstekens, bijvoorbeeld: "voorbeeld tekst" om deze als één waarde toe te voegen.
Hieronder een toelichting op de velden die met behulp van het pop-upvenster ingevoerd kunnen worden.
| Kolomnaam | Inhoud |
| Naam | Unieke naam. |
| Opmerking | Vrij veld. |
| Omschrijving | Vrij veld. |
| Groepering | Door in dit veld een waarde in te voeren kan een eigen drop-down lijst gemaakt worden. Een nieuwe groepering kan alleen aangemaakt worden bij het aanmaken van een faciliteittype. Wanneer er geen nieuw faciliteittype noodzakelijk is kan ervoor gekozen worden een dummy faciliteittype aan te maken met de gewenste groeperingnaam. Zodra deze groepering bij een ander faciliteittype gekozen is kan de dummy verwijderd worden. In de module Meerjarenplanning kan bij het berekenen van de benodigde faciliteiten hierop gegroepeerd worden. |
Tonen van middelen in het rooster van medewerkers
Het is mogelijk om bij Beheer > Configuratie aan te geven of middelen ook in het rooster van docenten getoond moeten worden. Zeker als het aantal middelen groot is, bijvoorbeeld 10 gereedschapssets per les, dan zal ervoor gekozen worden dit niet in de roosterpublicatie mee te nemen. Middelen worden per definitie niet getoond in de roosters van studenten.
Opmerkingen
0 opmerkingen
Artikel is gesloten voor opmerkingen.