Hier kunnen toetsperioden ingevoerd worden. Een toetsperiode kan bestaan uit een aantal dagen, weken of maanden of zelfs een geheel schooljaar. Een toetsperiode heeft een begin- en een einddatum. Binnen een toetsperiode kunnen meerdere tijdsloten vastgelegd worden. Er dient minimaal 1 toetstijdslot aangemaakt te worden binnen een toetsperiode.
Werkwijze
- Menu Basisdata > Toetsdata > Toetsperioden
- Klik onderaan het scherm op +
- Vul in het eerste veld een unieke waarde in.
- Vul de start- en einddatum van de toetsperiode in (de einddatum is een tot-en-met-datum).
- Klik op de knop Toevoegen.
- Een wijziging in de Basisdata kan ook van invloed zijn in voorgaande en volgende schooljaren. Zie: Welke data in de basisdata is jaarspecifiek?
-
Xedule herkent een spatie als een scheidingsteken om meerdere entiteiten tegelijk in te voeren. Plaats een waarde met een spatie tussen aanhalingstekens, bijvoorbeeld: "voorbeeld tekst" om deze als één waarde toe te voegen.
Toevoegen toetstijdsloten
Toetsperioden hebben een start- en einddatum. Binnen een toetsperiode zijn er meerdere toetstijdsloten mogelijk te definiëren.
Ook kan er een penalty toegevoegd worden met een waarde 1, 2 of 3. Een hoge penalty betekent dat de toetsautomaat op dit toetstijdslot zo min mogelijk toetsen zal plaatsen.
- Open de aangemaakte toetsperiode, klik op het potlood.
- Klik onderaan het scherm op +
- Er wordt steeds een toetstijdslot met een standaard duur van drie klokuren toegevoegd. Het eerste tijdslot begint op het moment van 1e RE van de 1e dag van de toetsperiode, vervolgens kunnen er per dag zoveel tijdsloten van 3 uur aangemaakt als dat er passen binnen de openstelling.
- Voer eventueel bij een toetstijdslot een penalty in. Kies een geheel getal in de range van 1 t/m 3. Een hoger getal betekent dat Xedule op dit tijdslot zo min mogelijk toetsen zal plaatsen.
- Pas eventueel de begin- en eindtijd van de toetstijdsloten zo nodig aan. Toetstijdsloten hoeven niet aaneengesloten te zijn.
Aandachtspunten voor een efficiënte inrichting
- Er moet minimaal één toetstijdslot per toetsperiode aangemaakt zijn.
- Toetstijdsloten mogen elkaar niet overlappen binnen een toetsperiode.
- Een toetstijdslot kan maximaal 24 uur beslaan. Let er op dat als er een toetstijdslot aangemaakt wordt van 8.00 tot 23.00 uur er ook toetsen in de avonden geplaatst kunnen worden door de toetsautomaat. Er wordt dus niet gecheckt of de tijden van de gestelde toetstijdsloten ook daadwerkelijk voorkomen in de gestelde tijdspanne van de toetsperiodes.
- Als er een toetsperiode van 2 weken is aangemaakt en op alle dagen zouden toetsen mogen plaatsvinden dient er minimaal voor elke dag een toetstijdslot aangemaakt te worden.
- Als een groep gedeeltelijk niet beschikbaar is binnen het tijdslot, maar er is nog wel voldoende ruimte voor een toets binnen dat tijdslot, dan zal de toets geplaatst kunnen worden.
- Als het van belang is dat toetsen met een lange duur vroeg op de dag plaatsvinden en toetsen met een kortere duur later op de dag kan dit bij de inrichting van de toetstijdsloten meegenomen worden door in de ochtenden een lang tijdslot aan te maken en in de middagen kortere tijdsloten.
- De toetsautomaat houdt rekening met een instelbare pauze voor studenten en faciliteiten. Dit geldt voor toetsen binnen één toetstijdslot.
- Voor een pauze tussen toetsen in verschillende toetstijdsloten moeten de toetstijdsloten met de gewenste tussenruimte ingesteld worden.
- Er wordt door de toetsautomaat geen rekening gehouden met ingestelde pauzes in de openstelling. Dit geldt zowel voor pauzes opgenomen in het tijdraster als voor pauzes binnen een set van RE.
- Er wordt door de toetsautomaat geen rekening gehouden met ingestelde geplande uitval. Hou hier rekening mee met het instellen van toetstijdsloten. Is geplande uitval niet voor alle groepen ingesteld dan is dit in Roosteren > Toetsen > Toetstijdsloten (matrix) nog op les niveau aan te passen.
Opmerkingen
0 opmerkingen
Artikel is gesloten voor opmerkingen.