Algemeen overzicht van visuele statusindicatoren
In de pop-upvensters voor medewerkers, groepen en faciliteiten worden gekleurde bolletjes gebruikt als visuele indicatoren. De betekenis van deze indicatoren is specifiek voor het type entiteit (medewerker, groep of faciliteit) dat wordt weergegeven.
Statusindicatoren voor medewerkers en groepen
In de pop-upvensters voor medewerkers en groepen wordt de status aangegeven met twee bolletjes en een eventueel aanvullend icoon.
Eerste bolletje: beschikbaarheid
Het eerste bolletje in de pop-upvensters voor medewerkers en groepen geeft de beschikbaarheid weer die is vastgelegd in de basisdata. Een oranje kleur geeft aan dat de medewerker of studentengroep(en) deels beschikbaar is/zijn. De kleuren groen en rood worden impliciet gebruikt om aan te geven of een entiteit respectievelijk volledig beschikbaar of niet beschikbaar is.
Tweede bolletje: geschiktheid
De betekenis van het tweede bolletje in de pop-upvensters voor medewerkers en groepen hangt af van het type entiteit:
- Voor medewerkers: Dit bolletje geeft aan of de medewerker de vereiste expertise voor het vak bezit. Groen betekent een match, rood betekent geen match. Indien expertises niet zijn ingesteld, zal dit bolletje altijd rood zijn.
- Voor studentgroepen: Dit bolletje geeft aan of de groep het betreffende vak in zijn onderwijsprogramma (arrangement) heeft opgenomen.
Stand-by status voor medewerkers
Voor medewerkers kan in het pop-upvenster naast de bolletjes een specifiek icoon worden weergegeven. Dit icoon geeft aan dat de medewerker op dit moment de status ‘stand-by’ heeft.
Statusindicatoren voor faciliteiten
In het pop-upvenster voor faciliteiten wordt de geschiktheid van een faciliteit beoordeeld aan de hand van vier gekleurde bolletjes. De lijst met beschikbare faciliteiten wordt gesorteerd op basis van de volgende vier criteria:
- Eerste bolletje (Tijdsbeschikbaarheid): Geeft aan of de faciliteit beschikbaar is op het tijdstip dat de betreffende les gepland staat.
- Tweede bolletje (Type-match): Geeft aan of het faciliteittype van de ruimte overeenkomt met de gevraagde faciliteittypeset die voor de les in die specifieke periode vereist is.
- Derde bolletje (Capaciteit): Geeft aan of de faciliteit voldoende capaciteit biedt voor het aantal studenten dat aan de les is gekoppeld.
- Vierde bolletje (Locatie): Geeft aan of de faciliteit zich op dezelfde locatie bevindt als de faciliteit die op dat moment aan de les gekoppeld is.
Opmerkingen
0 opmerkingen
Artikel is gesloten voor opmerkingen.